
'Vloeibare waterstof kan net zo gewoon worden als LNG'
EcoLog wil groene waterstof in vloeibare vorm importeren vanuit Oman naar Amsterdam. Het bedrijf heeft grond in de Afrikahaven, tanks in testopstelling en is druk bezig een keten van productie, transport, opslag en gebruik tot stand te brengen. Deel 2 in een serie over de ontwikkeling van waterstofimport.
Een coalitie van 24 bedrijven werken samen aan de ontwikkeling van grootschalige waterstofimport. De coalitie overhandigde in mei 2026 een waterstofhandelsagenda aan minister Stientje van Veldhoven met aanbevelingen om de waterstofmarkt sneller van de grond te krijgen, onder meer door meer duidelijkheid over infrastructuur, vergunningen en financiële garanties. Nederland Waterstofland publiceert een serie over deze waterstofhandelsagenda en de import van verschillende waterstofdragers.
- Deel 1: De import van waterstof door Nederland
- Deel 2: Vloeibare waterstof (dit artikel)
- Deel 3: Methanol (volgt)
- Deel 4: Ammoniak (volgt)
- Deel 5: LOHC (volgt)
Ellen Ruhotas, CEO van EcoLog, legt in deel 2 uit waarom vloeibare waterstof zeer geschikt is voor transport, en waarom geduld de belangrijkste eigenschap is in deze sector.
U werkt al jaren aan de import van vloeibare waterstof, terwijl de sector vooral over ammoniak praat. Waarom?
"Vijfenvijftig jaar geleden vervoerde niemand vloeibaar aardgas per schip. Mensen vroegen: waarom zou je gas vloeibaar maken als er pijpleidingen zijn? Vandaag is LNG een van de belangrijkste energiedragers ter wereld. Wij geloven dat vloeibare waterstof hetzelfde traject kan doorlopen.
Ammoniak heeft een voorsprong omdat er al schepen en infrastructuur zijn. Maar de productie van ammoniak uit groene waterstof is een chemisch proces. Dat is zeer energie-intensief. Als je dat doet in een land waar veel wind en zon is, is dat nog wel te betalen. Maar als je de ammoniak in Europa weer wil terugkraken naar waterstof, dan is dat heel erg duur, want dat is ook een energie-intensief proces. Bij vloeibare waterstof doe je het energie-intensieve deel, het vloeibaar maken, op de productielocatie, waar duurzame energie goedkoop is. Het gasvormig maken van vloeibare waterstof kost veel minder energie. Bovendien kunnen we het slim integreren met andere processen. Dat is een fundamenteel kostenvoordeel."
Is vloeibare waterstof technisch haalbaar?
"Wij komen uit de LNG-wereld. GasLog, ons zusterbedrijf, heeft meer dan dertig LNG-schepen. We begrijpen hoe je werkt met koude brandstoffen. Waterstof moet worden afgekoeld tot min 253 graden om vloeibaar te worden. Dat klinkt extreem, maar de technologie bestaat. Ruimtevaartingenieurs hebben ons geholpen: vloeibare waterstof wordt al decennia gebruikt in raketten.
We hebben ook het opslagprobleem opgelost. De tanks die we bouwen hebben een diameter van 20 meter en zijn dubbelwandig. Tussen de twee wanden heerst een vacuüm, voor maximale isolatie. Daardoor hebben we geen verdampingsverliezen. Elke kilo waterstof die erin gaat, komt er ook uit. We hebben dit uitgebreid getest in een testfaciliteit in München. Die tests zijn succesvol afgerond."
Hoe ziet het EcoLog-project in Amsterdam er concreet uit?
"We hebben grond in de Afrikahaven Oost. In de eerste fase bouwen we acht opslagtanks, waarin we vloeibare waterstof langer dan een maand kunnen opslaan. De beoogde importcapaciteit is 200.000 ton vloeibare waterstof per jaar, met de mogelijkheid om later op te schalen naar 600.000 ton.
Na aankomst kan de waterstof op twee manieren worden ingezet. We kunnen het weer gasvormig maken, net als bij LNG-terminals, en via een pijpleiding leveren aan industriële afnemers. Of we distribueren het in vloeibare vorm per binnenvaartschip, vrachtwagen of trein. Amsterdam ligt naast een CO₂-pijpleiding. Als we waterstof vergassen, komt er koude vrij. Die koude kunnen we gebruiken om CO₂ vloeibaar te maken. Dat sluit twee transities op een slimme manier aan elkaar."
Waar staat het project nu en wat is de planning?
"We hebben de vergunningsaanvraag ingediend. We werken al drieënhalf jaar samen met de omgevingsdienst. Het is een constructief proces en we hebben al belangrijke mijlpalen bereikt. Omdat er bij onze terminal geen chemisch proces plaatsvindt en er geen sprake is van NOx-emissies, is de milieu-impact gering. We hopen de definitieve vergunning voor het einde van dit jaar te hebben.
De investeringsbeslissing hopen we vervolgens in 2027 te nemen. Als dat lukt, kunnen we eind 2030 de eerste vloeibare waterstof in Amsterdam ontvangen. We denken in 2031 te kunnen beginnen met de levering aan afnemers.”
Wie zijn er allemaal betrokken in de keten?
“We hebben de keten teruggebracht tot vier partijen. Om te beginnen een producent in Oman, het Indiase bedrijf ACME, dat groene waterstof gaat produceren met goedkope hernieuwbare energie. Het Omaanse staatsenergiebedrijf OQ gaat de waterstof vloeibaar maken. Dan zijn wij als EcoLog van de partij op het gebied van transport en opslag in de importterminal in Amsterdam. Tot slot hebben we afnemers nodig. Een investeringsbeslissing met 20 partijen tegelijk is onmogelijk. Met vier partijen is het te coördineren.
Met Oman zijn de gesprekken op dit moment het verst gevorderd. Het land heeft een centrale waterstofautoriteit en meerdere productieconsortia. Oman heeft goedkope zon- en windenergie, wat de productiekosten laag houdt. Tijdens het staatsbezoek van de sultan aan Nederland hebben alle partijen voor het eerst samen aan tafel gezeten. We gaan nu richting commerciële contracten.”

Wat houdt de investeringsbeslissing nog tegen?
"De financiering. De totale investering om de hele keten van de grond te krijgen bedraagt 9,5 miljard euro. Alle partijen steken er eigen geld in, maar voor een onderneming van zo’n omvang is ook bankfinanciering nodig. Banken zien het belang, ze vinden het geweldig, maar ze willen afnamecontracten van 15 jaar zien voordat ze geld uitlenen. Dat is een probleem, want afnemers willen zich nog niet voor 15 jaar vastleggen op een prijs die ze niet kennen. Dat is de klassieke kip-en-ei-situatie bij nieuwe energieketens.
We hebben geen subsidie nodig, maar partijen die garant willen staan en daarmee de financiële risico’s verkleinen. Als overheden van betrokken landen bereid zijn ieder een deel van het risico over te nemen, dan kunnen we de financiering rondkrijgen. Alle ministers die ik spreek erkennen het belang van energiezekerheid. In tijden van geopolitieke onzekerheden rond de levering van olie en gas wordt het steeds belangrijker om internationale ketens op te zetten op het gebied van duurzame energie. De wil is er. Nu moeten we het ook in concrete garanties omzetten."
Welke betrokken landen kunnen helpen met garanties?
“Oman heeft een belang als producent, Nederland als import- en handelsland, Duitsland als grote industriële afnemer. Maar ook Japan kan een rol spelen, want Kawasaki levert de scheepstechnologie voor vloeibare waterstof. Oman, Nederland, Duitsland en Japan vullen elkaar aan in de keten. Ze hebben er allen belang bij dat het lukt."
Wie zijn de afnemers waarop u mikt?
"Tata Steel is de grootste potentiële afnemer in de regio Amsterdam. We hebben een intentieverklaring getekend voor zowel de levering van waterstof als de afvoer van CO2. Dat is een gesloten kringloop: wij leveren vloeibare waterstof, en de koude die vrijkomt bij het vergassen gebruiken we om CO2 vloeibaar te maken voor transport naar opslaglocaties op de Noordzee. Die combinatie maakt het project uniek.
Maar Tata is niet de enige. Vrachtverkeer is een grote markt. Een waterstoftruck kan op 80 kilo waterstof 1.200 kilometer rijden en in twaalf minuten tanken. Dat is niet te evenaren met batterijen voor zwaar transport over lange afstanden. Vrachtwagenfabrikanten zitten echt te wachten op de opschaling van waterstoftrucks.
Datacenters zijn een verrassende markt. Er zijn al waterstofturbines die elektriciteit opwekken achter de meter, zonder netaansluiting en dus zonder congestieproblemen. We werken met een aantal datacenters in de Amsterdamse regio. De koude van vloeibare waterstof kunnen we ook gebruiken om datacenters te koelen. Dat maakt vloeibare waterstof voor datacenters een extra aantrekkelijke energiebron.
En tot slot de scheepvaart. Cruisemaatschappijen zoals Viking bouwen hun eerste schepen op vloeibare waterstof. Vijftien jaar geleden stapten de eerste cruiseschepen over op LNG. Nu kijken ze naar waterstof."
Hoe belangrijk is Tata Steel voor het slagen van het project?
"Tata is belangrijk, maar daar hangt de keten niet van af. De kracht van ons project is juist dat we meerdere markten bedienen: industrie, mobiliteit, datacenters, scheepvaart. Als één markt trager ontwikkelt, kunnen anderen het opvangen. Maar als Tata een definitieve investeringsbeslissing neemt voor de verduurzaming van de staalfabriek met waterstof, dan zorgt dat natuurlijk voor een enorme impuls. In dat geval zal het veruit de grootste industriële afnemer van waterstof in de regio zijn."
Wat is er nog nodig om de laatste stappen te zetten?
"Ten eerste de vergunning, die verwachten we dit jaar. Ten tweede de garanties van overheden om de financiering mogelijk te maken. Ten derde duidelijkheid over het waterstofnetwerk van Hynetwork. Zolang de waterstofpijpleidingen er nog niet liggen, gaan we tijdelijk werken met binnenvaartschepen om vloeibare waterstof te leveren aan afnemers in Nederland en Duitsland.
En ten slotte: geduld. Succes bij dit soort complexe projecten duurt vaak tien jaar. LNG heeft er ook tientallen jaren over gedaan om groot te worden. Wij zijn ervan overtuigd dat vloeibare waterstof dezelfde weg aflegt. De infrastructuur wordt gebouwd, de keten wordt gesloten. Dat kost tijd, maar het gaat gebeuren."





