
‘Waterstof wordt net zo normaal als elektrisch rijden’
‘Kijk naar het hele energiesysteem’, met die woorden stuurde de professor van Randolf Weterings hem na zijn masterstudie Management of Technology in Delft (2010) de wereld in. En dat deed hij. “Het stimuleerde mij om groter te kijken, en zo werd ik de wereld van waterstof ingezogen. Ik ben ervan overtuigd dat waterstof een onderdeel van de oplossing is. Het energiesysteem is groot en elektriciteit is er een klein onderdeel van. Om het hele systeem te verduurzamen is het niet voldoende wanneer alleen de inzet van elektriciteit en batterijen flink toeneemt. Daar zie je de rol voor waterstof.
Randolf Weterings is senior program manager waterstof bij de Port of Rotterdam. In zijn carrière was hij onder meer betrokken bij de ontwikkeling van de eerste laadpaal voor elektrisch rijden en startte hij zijn eigen onderneming in elektrolysers. “De tijd was toen helaas nog niet rijp voor elektrolysers. Nu, bij Port of Rotterdam, is dat wel het geval en past de doelgroep beter. Ik werk in het groot aan wat ik met mijn bedrijf in het klein probeerde; de realisatie van een nieuw energiesysteem.
De fase van PowerPoints ligt achter ons. Ik ben er trots op dat we nu bezig zijn met het realiseren van de plannen. Daarvoor was een lange adem nodig, een systeem verander je niet van de één op de andere dag, en dit is een grote systeemverandering. Niets sluit zomaar aan, de technologie, juridische aspecten, de infrastructuur, alles moet aangepast worden. Daarvoor is tijd nodig en moet je over de juiste medewerkers en partners beschikken. Dat is gelukt. Binnen Port of Rotterdam hebben we een grote diversiteit aan collega’s. Er heeft altijd wel iemand verstand van het aspect waar je aan werkt. Bovendien werken we samen met partners die ook wíllen. We zijn een ‘coalition of the willing’.
Toch is het twee stappen vooruit en soms weer drie stappen terug. Dat is niet erg, als het simpel was, zou het niet leuk zijn. En je weet van tevoren dat het niet allemaal kán lukken, daar stel je je op in. Door aan kleinere en grote projecten tegelijk te werken, blijf ik gemotiveerd. De kleinere projecten brengen sneller maar kleiner succes, van de grote projecten vieren we tussentijds de mijlpalen.
Ik denk dat waterstof met name in de zware industrie, energieproductie en het zware vervoer een belangrijk onderdeel van de oplossing is. Maar het is de vraag of die industrieën snel kunnen veranderen. Dat geldt ook voor beleid. Om te durven en kunnen investeren is goed beleid en zekerheid nodig, maar de veranderingen gaan zo snel dat het niet bij te benen is voor de makers. En de veranderingen raken veel verschillende sectoren, waardoor beleidsmakers goed moeten kijken wat mogelijke effecten van beleid zijn.
Toch gaat de transitie relatief gezien razendsnel als je uitzoomt en het vergelijkt met andere grote systeemveranderingen. Neem de komst van elektrisch rijden. Toen we rond 2009 de eerste laadpaal plaatsten, dachten mensen nog dat een elektrische auto een op afstand bestuurbaar autootje voor kinderen was. En moet je kijken waar we nu staan! We zijn er voorlopig nog niet met de inzet van waterstof, maar ik ben positief. Zoals hier in de Rotterdamse haven. Elektrisch rijden en windenergie zijn normaal geworden. Ik ben ervan overtuigd dat dat over tien, twintig jaar ook geldt voor waterstof.”




